Telt voor de drempel van € 250.000 van het Spaanse Modelo 232 voor transacties met verbonden partijen de maatstaf van heffing, het bedrag inclusief btw of het totaal betaalde bedrag?
Gecontroleerd door Toni Faura · Laatst bijgewerkt:
Veel vennootschappen twijfelen welk bedrag ze moeten gebruiken om te bepalen of ze de drempel overschrijden waarboven transacties met verbonden partijen moeten worden gemeld in het Modelo 232 (Spaanse informatieve aangifte voor transacties met verbonden partijen). Die vraag speelt vaak bij Spaanse vennootschappen met een niet-ingezeten aandeelhouder die hun een woning verhuurt, geld leent of diensten factureert. Het antwoord is duidelijk: u neemt de maatstaf van heffing, oftewel de vergoeding exclusief btw, gewaardeerd tegen marktwaarde.
De drempel van € 250.000 geldt per verbonden partij
De grens volgt uit artikel 18.3 van Wet 27/2014 op de vennootschapsbelasting (LIS). Het gaat om de vergoeding voor alle transacties met dezelfde verbonden persoon of entiteit, gewaardeerd tegen marktwaarde. Artikel 13 van het Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting neemt dit over en verwijst naar de ministeriële regeling voor het Modelo 232.
Dus:
- Alle transacties van het belastingtijdvak worden per verbonden partij afzonderlijk opgeteld.
- De drempel wordt niet gemeten aan de totale omzet van de vennootschap.
Waarom de btw niet meetelt
De in rekening gebrachte btw (IVA) maakt geen deel uit van de prijs of de vergoeding. De verkoper ontvangt deze en draagt haar af aan de Spaanse fiscus; het is dus geen opbrengst of kostenpost van de transactie. Wet 37/1992 op de btw definieert de maatstaf van heffing als het totale bedrag van de vergoeding, inclusief belastingen op de transactie, met uitzondering van de btw zelf. Bovendien bepaalt artikel 18.14 LIS dat de marktwaarde voor de vennootschapsbelasting losstaat van andere belastingen.
Waarom het betaalde bedrag niet telt
Het gaat om het bedrag van de transacties in het tijdvak, niet om ontvangsten of betalingen. Dat volgt uit het toerekeningsbeginsel (devengo) van artikel 11 LIS: opbrengsten en kosten worden toegerekend ongeacht de datum van betaling of ontvangst. Het betaalde bedrag vertekent het cijfer bovendien om twee redenen:
- Het kan btw bevatten.
- Het kan verlaagd zijn met IRPF-inhoudingen (Spaanse inkomstenbelasting), bijvoorbeeld bij facturen van aandeelhouders die als zelfstandige werken.
Daarom moet u uitgaan van het brutobedrag, vóór inhoudingen en exclusief btw.
Marktwaarde versus gefactureerd bedrag
De regels schrijven voor dat de drempel wordt berekend tegen marktwaarde. Is de transactie juist gewaardeerd, dan komt die overeen met de gefactureerde maatstaf van heffing. Wijkt de afgesproken prijs af van de marktwaarde, dan moet de marktwaarde worden gebruikt, ook als die verschilt van het gefactureerde bedrag.
Overige aandachtspunten
Het Directoraat-Generaal Belastingen (Dirección General de Tributos) heeft zich bij vragen over het Modelo 232 niet willen uitspreken, omdat aangiftemodellen onder de bevoegdheid van de Spaanse belastingdienst (AEAT) vallen. De Orden HFP/816/2017, waarmee het model is vastgesteld, kent bovendien andere situaties met eigen regels, zoals bepaalde specifieke transacties of transacties met belastingparadijzen. Het is raadzaam deze per concreet geval samen met de instructies van de AEAT te bekijken.
Bijbehorende dienst: Vennootschapsbelasting en jaarrekening in Spanje
Zullen wij uw situatie bekijken?
Ik heb interesseGerelateerde vragen
- Wat is het minimumkapitaal om een SL (Spaanse bv) op te richten in Spanje?
- Kan een Spaanse SL de 99% korting op de overdrachtsbelasting (ITP) toepassen bij de aankoop van een finca rústica op de Balearen?
- Hoe kan een restaurant in Spanje tegenover de Belastingdienst aantonen dat de fooien die het onder het personeel verdeelt geen verzwegen omzet zijn?

